René volgde de Theaterschool in Amsterdam van
1969 tot 1973. Direct na het voltooien van de opleiding
was hij zes jaar verbonden aan het pantomimetheater Carroussel.
Aansluitend speelde hij zes jaar bij het Werkteater Amsterdam.

Tussen 1985 en 1989 speelde René drie producties met zijn broer Frank Groothof. Veel bekendheid verwierven zij met het succesvolle Broertjes dat tevens voor tv bewerkt werd. Daarna speelde hij met René van het Hof en Hans Dagelet in Blauw Uur, Duo met Hakim Traida en De Verbouwing van Toneelgroep Carver. In 1998 volgde de eerste kennismaking met MaxTak, in de productie 2000 Mijlen onder zee, welke voorstelling hij ook zelf schreef. In het seizoen 2001-2002 schreef en speelde hij De Dromer voor Max Tak. Tussendoor was René ondermeer te zien tijdens het Oerol Festival in een eigen bewerking van Hans en Grietje en in Fanfare van het Toneelgezelschap B & D.


De Graaf van Egmond

Het Huis van de Moskee

De Tuinen der Herinneringen

In 2002-2003 maakte René de tekst en regie van het muziektheaterstuk: Heer Halewijn. Wederom met Frank was hij een seizoen later te zien in Broertjes en de strijd om de ring en in 2004-2005 volgde de muziektheatervoorstelling De Graaf van Egmond. Een jaar later bewerkte René De Reuzenkrokodil van Roald Dahl tot een familievoorstelling met het Orkest MaxTak; hij schreef een deel van de muziek en speelde de hoofdrol. Dit stuk mag een regelrechte hit genoemd worden.

Recentelijk vierde René Groothof triomfen met het muziektheaterstuk Meneer Ibrahim en de bloemen van de Koran. Deze voorstelling kreeg de Gouden Krekel 2006 voor de beste jeugdproductie van het jaar. 

In seizoen 2007- 2008 speelde René Groothof  in het muziektheaterstuk Het Huis van de moskee van Kader Abdolah; deze laatste twee voorstellingen werden geregisseerd door Aike Dirkzwager.

In seizoen 2009 zal René Groothof De Tuinen van Herinnering naar de bejubelde roman van Michel Quint op de planken brengen.

René was tevens tot 2006 verantwoordelijk voor de regie van de opera’s van zijn broer Frank. Incidenteel was René ook te zien tijdens kinderconcerten in het Concertgebouw met Circus van niets met het Aurelia Kwartet en Beer is los met De Veen Brothers, welke produkties hij regisseerde en schreef.

René vertolkte de hoofdrol in de speelfilm De Vliegende Hollander in de regie van Jos Stelling. Op televisie maakte hij zijn opwachting in onder andere Max Laadvermogen en De Freules, twee VPRO-series van de hand van Ienneke Houtman. Bovendien was hij te zien in De Man met de hoed, een zevendelige VPRO-reeks geregisseerd door Rimko Haanstra. René maakte zelf de muziek voor die serie.

Boekingen voor zijn theatervoorstellingen gaan via BEER Muziektheaterprodukties www.muziektheaterproducties.nl

recensies, klik hier...

NRC over zijn rol in Meneer Ibrahim: "Schmitt heeft in Groothof eenwaardige verteller gevonden. Het komt door dat flexibele gezicht, die warme stem. (...) Als op zijn gezicht een glimlach doorbreekt, dan golft die door het theater. (...) Een goed verhaal en een goede verteller, het blijft een onverwoestbare combinatie."

De Volkskrant over Het Huis van de moskee: De geboorte van het kind leidt tot een van de mooiste scènes uit de voorstelling: Groothof verbeeldt het kind met zijn wandelstok en allemachtig, de wandelstok wordt kind. Groothof laat het Langs zijn benen omhoog klauteren. Op zo'n moment gaat het even niet over het verhaal, maar over een acteur die van iets kleins iets bijzonders kan maken.

De Volkskrant over de Graaf van Egmont: Dat de voorstelling niet bezwijkt onder deze loodzware lading komt door Groothofs genadeloze humor en lichte toets.

Trouw over Circus van niets: op het toneel staat een klein tafeltje met attributen (...) dat is niet veel, maar een clown kan daarmee goed uit de voeten. Zeker als hij René Groothof heet. ‘Circus van niets' lijkt op Commedia dell'Arte van straatartisten uit vervlogen tijden. In alle eenvoud is het eigenlijk een ‘circus van alles'.